Zoals al onderstreept in de commentaar onder artikel 8 van de Code heeft de Nationale Raad van de Orde der Apothekers al in 1992 aangedrongen op het belang voor de apotheker van een actief onthaal van de patiënt in het belang van die laatste: het aandachtig luisteren en de dialoog zijn de voorwaarden voor een goede relatie tussen de apotheker en de patiënt. Volgens de Gids voor de goede officinale farmaceutische praktijken (gevoegd bij het K.B. van 21 januari 2009 houdende onderrichtingen voor de apothekers) maakt het onthaal van de patiënten in een hartelijke en vertrouwelijke sfeer deel uit van de basis farmaceutische zorg (punt F.7.1.I). Een procedure voor het onthaal van de patiënt is immers één van de documenten die ter beschikking moet worden gehouden van het apotheekteam (punt 12).
Betreffende de vertrouwelijkheidsruimte die in de apotheek moet voorzien worden, zie de commentaar onder artikel 82 van de Code.
De precieze identificatie door de patiënt van zijn gesprekspartner en de functie van deze binnen het apotheekteam is cruciaal voor een mogelijke therapeutische vertrouwensrelatie en een efficiënte zorgverstrekking. De patiënt moet gewoon weten met wie hij spreekt en waarborgen krijgen met betrekking tot de traceerbaarheid (wie maakt het product klaar? wie levert het af? wie houdt toezicht op de activiteiten van de officina? enz.). De badge (of de nominatieve schort) is het voorbeeld van het vaakst gebruikt en aanbevolen identificatiemiddel in de fysieke apotheken. Het dient te worden onderstreept dat het artikel 18, net als alle artikels van de Code, ook toepasselijk is op eventuele online-activiteiten van de apotheek: de eis tot duidelijke identificatie van de naam en functie van het lid van het apotheekteam dat contact heeft met een patiënt in het kader van de online-activiteiten van de apotheek wordt voorzien in het advies “Online-activiteiten van de apotheek – Deontologische aspecten” (zie de algemene commentaren onder deel II, punt 14 van de Code).