Artikel 9

De apotheker verstrekt informatie die steeds waarheidsgetrouw, objectief, verifieerbaar en begrijpelijk is voor de patiënt.

Een “eenvoudige, duidelijke, gemakkelijk te begrijpen en aan de patiënt aangepaste” informatie verschaffen, in het kader van een mondelinge of schriftelijke communicatie die afgestemd wordt op de gesprekspartner, maakt deel uit van de kwaliteitsvolle verstrekking van farmaceutische zorg door de apotheker (zie de Gids voor de goede officinale farmaceutische praktijken (gevoegd bij het K.B. van 21 januari 2009), punt F.7).

Betreffende de informatie of de publiciteit die naar de patiënt wordt verspreid, zie de artikelen 89 tot 106 van de Code en de commentaren die daarmee gepaard gaan.

Een geschikte communicatie met de patiënt is bijvoorbeeld het verschaffen van duidelijke informatie via duidelijke, propere en goed opgestelde posologie-etiketten of het afgeven van een gevalideerde patiëntenfiche om te helpen bij het begrijpen van de behandeling en het goede gebruik ervan. Voor de patiënten die niet één van de landstalen spreken kan het verschaffen van schriftelijke adviezen of het gebruik van pictogrammen helpen.