Hij handelt steeds in een geest van loyaliteit, collegialiteit en confraterniteit.
Zoeken
Hij handelt steeds in een geest van loyaliteit, collegialiteit en confraterniteit.
De begrippen “collegialiteit” en “confraterniteit” moeten van elkaar onderscheiden worden betreffende hun draagwijdte. Confraterneel zijn betekent, voor een apotheker, zich correct, beleefd en welwillend gedragen ten opzichte van andere collega’s apothekers; collegialiteit impliceert samen te werken om een doel van algemeen belang te bereiken. Het feit voor een apotheker om iets te doen dat de andere apothekers niet doen, met respect voor de wettelijke en deontologische bepalingen, vormt geen inbreuk op de confraterniteit. De wachtdienst vormt het emblematische toepassingsonderwerp van het principe van de collegialiteit tussen apothekers: de apothekers moeten samen werken zodat iedereen zijn wettelijke en deontologische verplichtingen kan respecteren in het kader van de wachtdienst om de continuïteit van de zorg voor de patiënten te verzekeren.
Over de verhoudingen tussen de apotheker en zijn confraters, zie de artikelen 50 tot 58 van de Code; over de wachtdienst en de continuïteit van de zorg, zie de artikelen 25 tot 33 van de Code.