De vereisten die in artikel 79 van de Code worden opgelegd, weerspiegelen deze die zijn opgenomen in de regelgeving: zie het K.B. van 21 januari 2009 houdende onderrichtingen voor de apothekers, art. 2, al. 3 en 10, al. 2, en de erbij gevoegde Gids voor de goede officinale farmaceutische praktijken, punt F.2. Het doel van de vermeldingen die aan de buitenkant worden aangebracht is de patiënt duidelijk te informeren vóór dat hij in de apotheek binnengaat. Deze vermeldingen moeten dus in lijn hiermee geplaatst worden. De vereiste dat de naam van de apotheker-titularis van buitenaf gemakkelijk leesbaar moet zijn, geldt ook voor het eventueel bijkomende perceel waarop een activiteit die accessoir is aan de uitbating van de apotheek zou uitgeoefend worden (hierover zie de commentaar onder art. 77 van de Code).
Betreffende de bijkomende vermeldingen die de apotheker aan de buitenkant zou wensen toe te voegen, stelt het artikel 31, § 2, lid 2 van de wet van 22 april 2019 inzake de kwaliteitsvolle praktijkvoering in de gezondheidszorg dat de apotheker zijn bijzondere beroepstitel(s) vermeldt in de praktijkinformatie die hij zou verspreiden en dat hij ook hetzelfde kan doen met betrekking tot de “opleidingen waarvoor geen bijzondere beroepstitel bestaat”. Dit soort informatie mag dus ook vermeld worden op het uitstalraam van de officina. Betreffende de diensten die de apotheker aan zijn patiënten mag aanbieden op basis van deze titels of opleidingen, zie de commentaar onder artikel 87 van de Code.