De apotheker aanvaardt slechts om een stagiair te begeleiden indien hij aan de door de betrokken universiteit opgelegde criteria voldoet om voor zijn vorming in te staan.
Zoeken
De apotheker aanvaardt slechts om een stagiair te begeleiden indien hij aan de door de betrokken universiteit opgelegde criteria voldoet om voor zijn vorming in te staan.
In het kader van zijn basis opleiding is de student in farmaceutische wetenschappen wettelijk verplicht om een stage te lopen. De universiteiten stellen ook soms andere stages voor aan de studenten in de loop van hun studies. In ieder geval zijn het de universiteiten zelf die de criteria en de procedure vaststellen om een apotheker als stagemeester te erkennen. De apotheker die deze rol op zich wenst te nemen, moet dus aan de vastgestelde voorwaarden voldoen om een stagiair te mogen verwelkomen.
In het kader van de door de universiteiten vastgestelde procedure wordt voorzien om het advies te vragen van verschillende instellingen met betrekking tot de kandidaat-stagemeester, waaronder het advies van de Provinciale Raad van de Orde der Apothekers waarbij de kandidaat ingeschreven is. Aangezien van de apotheker-stagemeester wordt verwacht dat hij zijn stagiair informeert over de correcte toepassing van de deontologie (zie art. 72 van de Code) is het logisch dat het disciplinair statuut van de kandidaat wordt onderzocht. De Provinciale Raden zijn door het beroepsgeheim gebonden “in alle zaken waarvan zij kennis hebben gekregen bij of ter gelegenheid van de uitoefening van hun ambt” (K.B. nr. 80 van 10 november 1967 betreffende de Orde der Apothekers, art. 30). Ze mogen de inhoud van de tuchtdossiers van de kandidaat-stagemeesters over wie ze vragen tot advies krijgen dus niet onthullen. Ze analyseren de kandidaturen intern op basis van precieze criteria, aan de hand van de elementen waarover zij beschikken, en geven voor elke kandidaat een algemeen positief of negatief advies aan de universiteiten.